Hoe gaat de voortplanting van een bij?
Na de rustperiode, in het voorjaar, worden er ook weer darren geboren. Ze spelen een rol bij de paring maar ook bij de temperatuurregeling in het nest of in de korf. De paring van een dar en een koningin gebeurt in de lucht op zo’n 30 meter hoogte. Daar zijn darrenverzamelplaatsen. Koninginnen die bevrucht willen worden vliegen daar naartoe. Imkers die in hun kast een raszuivere koningin voor de voortplanting willen hebben, maken gebruik van zgn. bevruchtingsstations (bijv. op Vlieland). Van verschillende bijensoorten verschilt de paringshoogte.
De koningin legt eitjes die na drie dagen veranderen in larfjes. Zij worden gevoed door de werksters. Ze eten koninginnegelei, een mengsel van honing en stuifmeel dat veel eiwitten bevat, maar dit krijgen ze alleen de eerste 3 dagen. (Vergelijk het met moedermelk of biest van koeien of schapen). De larve die koningin zal worden krijgt meer en langer deze gelei zodat ze beter groeit. De overige larven worden gevoed met stuifmeel. Na 7 dagen wordt de cel gesloten en groeit de larve door tot de geboorte. De koningin doet hier 16 dagen over, een werkster 21 en een dar 24 dagen.
Nadat ze uit hun cocon gekomen zijn beginnen werksters met hun taken. Ze worden over het algemeen 35 – 45 dagen oud. De eerste 5 dagen bestaan voor hen uit het poetsen van cellen, het verwarmen van nieuwe broedeitjes en het voederen van de oudere larven. Daarna tot dag 11 beginnen ze met het voederen van de jonge larven. Dag 12-17 zijn ze druk met de wasproduktie van de cellen, de bouw van de raten en het verwerken van de binnengebrachte nectar tot honing. Dag 18 – 21 hebben ze vervolgens wachtdienst aan het vlieggat. Deze hele periode noem je deze bijen voedster-bouw-bijen. De volgende periode van dag 22 – tot hun dood worden deze bijen vliegbijen genoemd. Ze zoeken de bloemen en zorgen voor de bestuiving. Meteen verzamelen ze ook stuifmeel, nectar, kithars of propolis, een kleverig goedje afkomstig van kastanje- of dennenknoppen, wat ook meteen goed tegen bacteriën werkt en waarmee ze hun nest repareren, en water. Na al deze taken sterven ze af na ongeveer 45 dagen.
Na de langste dag, wanneer het aanbod van voedsel afneemt en het volk in aantal afneemt, ter voorbereiding op de winter, worden de darren als eerste uit de kast geweerd. In een nest zijn in de winter een koningin en ongeveer 10.000 werkbijen aanwezig en dus geen darren. In de zomer zijn er wel enkele honderden darren en kan het aantal bijen oplopen tot wel ruim 50.000.